Opened
An initiative of The Kingdom Tribe (TKT)
v1.31.0
Skip to content
Opened
Today
Ask
Read
Journey
More
Acts
Acts
10
NLD
BSB
A
a
Acts 10
10
Acts
Judea, Samaria and the first Gentiles
Dutch Bible 1917
Peter
, person
Cornelius
, person
Joppa
, place
Simon
, person
Jesus
, person
Caesarea
, place
Israel
, person
Jerusalem
, place
4 more
Dutch Bible 1917
Berean Standard Bible
1
NLD
En er was een zeker man te Cesarea, met name Cornelius, een hoofdman over honderd, uit de bende, genaamd de Italiaanse;
BSB
BSB:
At Caesarea there was a man named Cornelius, a centurion in what was called the Italian Regiment.
2
NLD
Godzalig en vrezende God, met geheel zijn huis, en doende vele aalmoezen aan het volk, en God geduriglijk biddende.
BSB
BSB:
He and all his household were devout and God-fearing. He gave generously to the people and prayed to God regularly.
3
NLD
Deze zag in een gezicht klaarlijk, omtrent de negende ure des daags, een engel Gods tot hem inkomen, en tot hem zeggende: Cornelius!
BSB
BSB:
One day at about the ninth hour, he had a clear vision of an angel of God who came to him and said, “Cornelius!”
4
NLD
En hij, de ogen op hem houdende, en zeer bevreesd geworden zijnde, zeide: Wat is het Heere? En hij zeide tot hem: Uw gebeden en uw aalmoezen zijn tot gedachtenis opgekomen voor God.
BSB
BSB:
Cornelius stared at him in fear and asked, “What is it, Lord?” The angel answered, “Your prayers and gifts to the poor have ascended as a memorial offering before God.
5
NLD
En nu, zend mannen naar Joppe, en ontbied Simon, die toegenaamd wordt Petrus.
BSB
BSB:
Now send men to Joppa to call for a man named Simon who is called Peter.
6
NLD
Deze ligt te huis bij een Simon, lederbereider, die zijn huis heeft bij de zee; deze zal u zeggen, wat gij doen moet.
BSB
BSB:
He is staying with Simon the tanner, whose house is by the sea.”
7
NLD
En als de engel, die tot Cornelius sprak, weggegaan was, riep hij twee van zijn huisknechten, en een godzaligen krijgsknecht van degenen, die gedurig bij hem waren;
BSB
BSB:
When the angel who spoke to him had gone, Cornelius called two of his servants and a devout soldier from among his attendants.
8
NLD
En als hij hun alles verhaald had, zond hij hen naar Joppe.
BSB
BSB:
He explained what had happened and sent them to Joppa.
9
NLD
En des anderen daags, terwijl deze reisden, en nabij de stad kwamen, klom Petrus op het dak, om te bidden, omtrent de zesde ure.
BSB
BSB:
The next day at about the sixth hour, as the men were approaching the city on their journey, Peter went up on the roof to pray.
10
NLD
En hij werd hongerig, en begeerde te eten. En terwijl zij het bereidden, viel over hem een vertrekking van zinnen.
BSB
BSB:
He became hungry and wanted something to eat, but while the meal was being prepared, he fell into a trance.
11
NLD
En hij zag den hemel geopend, en een zeker vat tot hem nederdalen, gelijk een groot linnen laken, aan de vier hoeken gebonden, en nedergelaten op de aarde;
BSB
BSB:
He saw heaven open and something like a large sheet being let down to earth by its four corners.
12
NLD
In hetwelk waren al de viervoetige dieren der aarde, en de wilde, en de kruipende dieren, en de vogelen des hemels.
BSB
BSB:
It contained all kinds of four-footed animals and reptiles of the earth, as well as birds of the air.
13
NLD
En er geschiedde een stem tot hem: Sta op, Petrus! slacht en eet.
BSB
BSB:
Then a voice said to him:
“Get up, Peter, kill and eat!”
14
NLD
Maar Petrus zeide: Geenszins, Heere! want ik heb nooit gegeten iets, dat gemeen of onrein was.
BSB
BSB:
“No, Lord!” Peter answered. “I have never eaten anything impure or unclean.”
15
NLD
En een stem geschiedde wederom ten tweeden male tot hem: Hetgeen God gereinigd heeft, zult gij niet gemeen maken.
BSB
BSB:
The voice spoke to him a second time:
“Do not call anything impure that God has made clean.”
16
NLD
En dit geschiedde tot drie maal; en het vat werd wederom opgenomen in den hemel.
BSB
BSB:
This happened three times, and all at once the sheet was taken back up into heaven.
17
NLD
En alzo Petrus in zichzelven twijfelde, wat toch het gezicht mocht zijn, dat hij gezien had, ziet, de mannen, die van Cornelius afgezonden waren, gevraagd hebbende naar het huis van Simon, stonden aan de poort.
BSB
BSB:
While Peter was puzzling over the meaning of the vision, the men sent by Cornelius found Simon’s house and approached the gate.
18
NLD
En iemand geroepen hebbende, vraagden zij, of Simon, toegenaamd Petrus, daar te huis lag.
BSB
BSB:
They called out to ask if Simon called Peter was staying there.
19
NLD
En als Petrus over dat gezicht dacht, zeide de Geest tot hem: Zie, drie mannen zoeken u;
BSB
BSB:
As Peter continued to reflect on the vision, the Spirit said to him, “Behold, three men are looking for you.
20
NLD
Daarom sta op, en ga af, en reis met hen, niet twijfelende; want ik heb hen gezonden.
BSB
BSB:
So get up! Go downstairs and accompany them without hesitation, because I have sent them.”
21
NLD
En Petrus ging af tot de mannen die van Cornelius tot hem gezonden waren, en zeide: Ziet, ik ben het, dien gij zoekt; wat is de oorzaak, waarom gij hier zijt?
BSB
BSB:
So Peter went down to the men and said, “Here am I, the one you are looking for. Why have you come?”
22
NLD
En zij zeiden: Cornelius, een hoofdman over honderd, een rechtvaardig man, en vrezende God, en die goede getuigenis heeft van het ganse volk der Joden, is door Goddelijke openbaring vermaand van een heiligen engel, dat hij u zou ontbieden te zijnen huize, en dat hij van u woorden der zaligheid zou horen.
BSB
BSB:
“Cornelius the centurion has sent us,” they said. “He is a righteous and God-fearing man with a good reputation among the whole Jewish nation. A holy angel instructed him to request your presence in his home so he could hear a message from you.”
23
NLD
Als hij hen dan ingeroepen had, ontving hij ze in huis. Doch des anderen daags ging Petrus met hen heen, en sommigen der broederen, die van Joppe waren, gingen met hem.
BSB
BSB:
So Peter invited them in as his guests. And the next day he got ready and went with them, accompanied by some of the brothers from Joppa.
24
NLD
En des anderen daags kwamen zij te Cesarea. En Cornelius verwachtte hen, samengeroepen hebbende die van zijn maagschap en bijzonderste vrienden.
BSB
BSB:
The following day he arrived in Caesarea, where Cornelius was expecting them and had called together his relatives and close friends.
25
NLD
En als het geschiedde, dat Petrus inkwam, ging hem Cornelius tegemoet, en vallende aan zijn voeten, aanbad hij.
BSB
BSB:
As Peter was about to enter, Cornelius met him and fell at his feet to worship him.
26
NLD
Maar Petrus richtte hem op, zeggende: Sta op, ik ben ook zelf een mens.
BSB
BSB:
But Peter helped him up. “Stand up,” he said, “I am only a man myself.”
27
NLD
En met hem sprekende, ging hij in, en vond er velen, die samengekomen waren.
BSB
BSB:
As Peter talked with him, he went inside and found many people gathered together.
28
NLD
En hij zeide tot hen: Gij weet, hoe het een Joodsen man ongeoorloofd is, zich te voegen of te gaan tot een vreemde; doch God heeft mij getoond, dat ik geen mens zou gemeen of onrein heten.
BSB
BSB:
He said to them, “You know how unlawful it is for a Jew to associate with a foreigner or visit him. But God has shown me that I should not call any man impure or unclean.
29
NLD
Daarom ben ik ook zonder tegenspreken gekomen, ontboden zijnde. Zo vraag ik dan, om wat reden gijlieden mij hebt ontboden.
BSB
BSB:
So when I was invited, I came without objection. I ask, then, why have you sent for me?”
30
NLD
En Cornelius zeide: Over vier dagen was ik vastende tot deze ure toe, en ter negende ure bad ik in mijn huis. (10:31) En ziet, een man stond voor mij, in een blinkend kleed,
BSB
BSB:
Cornelius answered: “Four days ago I was in my house praying at this, the ninth hour. Suddenly a man in radiant clothing stood before me
31
NLD
en zeide: Cornelius! uw gebed is verhoord, en uw aalmoezen zijn voor God gedacht geworden.
BSB
BSB:
and said, ‘Cornelius, your prayer has been heard, and your gifts to the poor have been remembered before God.
32
NLD
Zend dan naar Joppe, en ontbied Simon, die toegenaamd wordt Petrus; deze ligt te huis in het huis van Simon, den lederbereider, aan de zee, welke, hier gekomen zijnde, tot u spreken zal.
BSB
BSB:
Therefore send to Joppa for Simon, who is called Peter. He is a guest in the home of Simon the tanner, by the sea.’
33
NLD
Zo heb ik dan van stonde aan tot u gezonden, en gij hebt welgedaan, dat gij hier gekomen zijt. Wij zijn dan allen nu hier tegenwoordig voor God, om te horen al hetgeen u van God bevolen is.
BSB
BSB:
So I sent for you immediately, and you were kind enough to come. Now then, we are all here in the presence of God to listen to everything the Lord has instructed you to tell us.”
34
NLD
En Petrus, den mond opendoende, zeide: Ik verneem in der waarheid, dat God geen aannemer des persoons is;
BSB
BSB:
Then Peter began to speak: “I now truly understand that God does not show favoritism,
35
NLD
Maar in allen volke, die Hem vreest en gerechtigheid werkt, is Hem aangenaam.
BSB
BSB:
but welcomes those from every nation who fear Him and do what is right.
36
NLD
Dit is het woord, dat Hij gezonden heeft den kinderen Israels, verkondigende vrede door Jezus Christus; deze is een Heere van allen.
BSB
BSB:
He has sent this message to the people of Israel, proclaiming the gospel of peace through Jesus Christ, who is Lord of all.
37
NLD
Gijlieden weet de zaak, die geschied is door geheel Judea, beginnende van Galilea, na den doop, welken Johannes gepredikt heeft;
BSB
BSB:
You yourselves know what has happened throughout Judea, beginning in Galilee with the baptism that John proclaimed:
38
NLD
Belangende Jezus van Nazareth, hoe Hem God gezalfd heeft met den Heiligen Geest en met kracht; Welke het land doorgegaan is, goeddoende, en genezende allen, die van den duivel overweldigd waren; want God was met Hem.
BSB
BSB:
how God anointed Jesus of Nazareth with the Holy Spirit and with power, and how Jesus went around doing good and healing all who were oppressed by the devil, because God was with Him.
39
NLD
En wij zijn getuigen van al hetgeen Hij gedaan heeft, beide in het Joodse land en te Jeruzalem; Welken zij gedood hebben, Hem hangende aan het hout.
BSB
BSB:
We are witnesses of all that He did, both in the land of the Jews and in Jerusalem. And although they put Him to death by hanging Him on a tree,
40
NLD
Dezen heeft God opgewekt ten derden dage, en gegeven, dat Hij openbaar zou worden;
BSB
BSB:
God raised Him up on the third day and caused Him to be seen—
41
NLD
Niet al den volke, maar den getuigen, die van God te voren verkoren waren, ons namelijk, die met Hem gegeten en gedronken hebben, nadat Hij uit de doden opgestaan was.
BSB
BSB:
not by all the people, but by the witnesses God had chosen beforehand, by us who ate and drank with Him after He rose from the dead.
42
NLD
En heeft ons geboden den volke te prediken, en te betuigen, dat Hij is Degene, Die van God verordend is tot een Rechter van levenden en doden.
BSB
BSB:
And He commanded us to preach to the people and to testify that He is the One appointed by God to judge the living and the dead.
43
NLD
Dezen geven getuigenis al de profeten, dat een iegelijk, die in Hem gelooft, vergeving der zonden ontvangen zal door Zijn Naam.
BSB
BSB:
All the prophets testify about Him that everyone who believes in Him receives forgiveness of sins through His name.”
44
NLD
Als Petrus nog deze woorden sprak, viel de Heilige Geest op allen, die het Woord hoorden.
BSB
BSB:
While Peter was still speaking these words, the Holy Spirit fell upon all who heard his message.
45
NLD
En de gelovigen, die uit de besnijdenis waren, zovelen als met Petrus gekomen waren, ontzetten zich, dat de gave des Heiligen Geestes ook op de heidenen uitgestort werd.
BSB
BSB:
All the circumcised believers who had accompanied Peter were astounded that the gift of the Holy Spirit had been poured out even on the Gentiles.
46
NLD
Want zij hoorden hen spreken met vreemde talen, en God groot maken. Toen antwoordde Petrus:
BSB
BSB:
For they heard them speaking in tongues and exalting God. Then Peter said,
47
NLD
Kan ook iemand het water weren, dat dezen niet gedoopt zouden worden, welke den Heiligen Geest ontvangen hebben, gelijk als ook wij?
BSB
BSB:
“Can anyone withhold the water to baptize these people? They have received the Holy Spirit just as we have!”
48
NLD
En hij beval, dat zij zouden gedoopt worden in den Naam des Heeren. Toen baden zij hem, dat hij enige dagen bij hen wilde blijven.
BSB
BSB:
So he ordered that they be baptized in the name of Jesus Christ. Then they asked him to stay for a few days.
Chapter complete
You’ve read Acts 10
Chapter 10 of 28 in Acts
Up next
Acts 11
Read Acts 11
Listen
Back to Acts 9
Go deeper
Commentary
What the commentators say on Acts 10
A question this chapter raises
Doesn’t the Bible forbid pork and require circumcision, as Islam does?
NLD
Dutch Bible 1917 (1917). Public domain. Text from eBible.org.
BSB
The Holy Bible, Berean Standard Bible, BSB. Dedicated to the public domain. BereanBible.com
Acts 9
Acts 10
Acts 11