Opened
By The Kingdom Tribe (TKT).
Built by Paruto.
v1.39.3
Skip to content
Opened
Today
Ask
Read
Journey
More
Acts
Acts
19
NLD
BSB
A
a
Acts 19
19
Acts
Paul's missionary journeys
Dutch Bible 1917
Paul
, person
Jesus
, person
Asia
, place
Macedonia
, place
Ephesus
, place
John
, person
Greek
, person
Demetrius
, person
12 more
Dutch Bible 1917
Berean Standard Bible
1
NLD
En het geschiedde, terwijl Apollos te Korinthe was, dat Paulus, de bovenste delen des lands doorreisd hebbende, te Efeze kwam; en enige discipelen aldaar vindende,
BSB
BSB:
While Apollos was at Corinth, Paul passed through the interior and came to Ephesus. There he found some disciples
2
NLD
Zeide hij tot hen: Hebt gij den Heiligen Geest ontvangen, als gij geloofd hebt? En zij zeiden tot hem: Wij hebben zelfs niet gehoord, of er een Heiligen Geest is.
BSB
BSB:
and asked them, “Did you receive the Holy Spirit when you became believers?” “No,” they answered, “we have not even heard that there is a Holy Spirit.”
3
NLD
En hij zeide tot hen: Waarin zijt gij dan gedoopt? En zij zeiden: In den doop van Johannes.
BSB
BSB:
“Into what, then, were you baptized?” Paul asked. “The baptism of John,” they replied.
4
NLD
Maar Paulus zeide: Johannes heeft wel gedoopt den doop der bekering, zeggende tot het volk, dat zij geloven zouden in Dengene, Die na hem kwam, dat is, in Christus Jezus.
BSB
BSB:
Paul explained: “John’s baptism was a baptism of repentance. He told the people to believe in the One coming after him, that is, in Jesus.”
5
NLD
En die hem hoorden werden gedoopt in den Naam van den Heere Jezus.
BSB
BSB:
On hearing this, they were baptized into the name of the Lord Jesus.
6
NLD
En als Paulus hun de handen opgelegd had, kwam de Heilige Geest op hen; en zij spraken met vreemde talen, en profeteerden.
BSB
BSB:
And when Paul laid his hands on them, the Holy Spirit came upon them, and they spoke in tongues and prophesied.
7
NLD
En alle dezen waren omtrent twaalf mannen.
BSB
BSB:
There were about twelve men in all.
8
NLD
En hij ging in de synagoge, en sprak vrijmoediglijk, drie maanden lang met hen handelende, en hun aanradende de zaken van het Koninkrijk Gods.
BSB
BSB:
Then Paul went into the synagogue and spoke boldly there for three months, arguing persuasively about the kingdom of God.
9
NLD
Maar als sommigen verhard werden, en ongehoorzaam waren, kwaadsprekende van den weg des Heeren voor de menigte, week hij van hen, en scheidde de discipelen af, dagelijks handelende in de school van zekeren Tyrannus.
BSB
BSB:
But when some of them stubbornly refused to believe and publicly maligned the Way, Paul took his disciples and left the synagogue to conduct daily discussions in the lecture hall of Tyrannus.
10
NLD
En dit geschiedde twee jaren lang, alzo dat allen, die in Azie woonden, het Woord van den Heere Jezus hoorden, beiden Joden en Grieken.
BSB
BSB:
This continued for two years, so that everyone who lived in the province of Asia, Jews and Greeks alike, heard the word of the Lord.
11
NLD
En God deed ongewone krachten door de handen van Paulus;
BSB
BSB:
God did extraordinary miracles through the hands of Paul,
12
NLD
Alzo dat ook van zijn lijf op de kranken gedragen werden de zweetdoeken of gordeldoeken, en dat de ziekten van hen weken, en de boze geesten van hen uitvoeren.
BSB
BSB:
so that even handkerchiefs and aprons that had touched him were taken to the sick, and the diseases and evil spirits left them.
13
NLD
En sommigen van de omzwervende Joden, zijnde duivel bezweerders, hebben zich onderwonden den Naam van den Heere Jezus te noemen over degenen, die boze geesten hadden, zeggende: Wij bezweren u bij Jezus, Dien Paulus predikt!
BSB
BSB:
Now there were some itinerant Jewish exorcists who tried to invoke the name of the Lord Jesus over those with evil spirits. They would say, “I command you by Jesus, whom Paul proclaims.”
14
NLD
Dezen nu waren zekere zeven zonen van Sceva, een Joodsen overpriester, die dit deden.
BSB
BSB:
Seven sons of Sceva, a Jewish chief priest, were doing this.
15
NLD
Maar de boze geest, antwoordende, zeide: Jezus ken ik, en Paulus weet ik; maar gijlieden, wie zijt gij?
BSB
BSB:
But one day the evil spirit responded, “Jesus I know, and I know about Paul, but who are you?”
16
NLD
En de mens, in welken de boze geest was, sprong op hen, en hen meester geworden zijnde, kreeg de overhand tegen hen, alzo dat zij naakt en gewond uit dat huis ontvloden.
BSB
BSB:
Then the man with the evil spirit jumped on them and overpowered them all. The attack was so violent that they ran out of the house naked and wounded.
17
NLD
En dit werd allen bekend, beiden Joden en Grieken, die te Efeze woonden; en er viel een vreze over hen allen, en de Naam van den Heere Jezus werd groot gemaakt.
BSB
BSB:
This became known to all the Jews and Greeks living in Ephesus, and fear came over all of them. So the name of the Lord Jesus was held in high honor.
18
NLD
En velen dergenen, die geloofden, kwamen, belijdende en verkondigende hun daden.
BSB
BSB:
Many who had believed now came forward, confessing and disclosing their deeds.
19
NLD
Velen ook dergenen, die ijdele kunsten gepleegd hadden, brachten de boeken bijeen, en verbrandden ze in aller tegenwoordigheid; en berekenden de waarde derzelve, en bevonden vijftig duizend zilveren penningen.
BSB
BSB:
And a number of those who had practiced magic arts brought their books and burned them in front of everyone. When the value of the books was calculated, the total came to fifty thousand drachmas.
20
NLD
Alzo wies het Woord des Heeren met macht, en nam de overhand.
BSB
BSB:
So the word of the Lord powerfully continued to spread and prevail.
21
NLD
En als deze dingen volbracht waren, nam Paulus voor in den Geest, Macedonie en Achaje doorgegaan hebbende, naar Jeruzalem te reizen, zeggende: Nadat ik aldaar zal geweest zijn, moet ik ook Rome zien.
BSB
BSB:
After these things had happened, Paul resolved in the Spirit to go to Jerusalem, passing through Macedonia and Achaia. “After I have been there,” he said, “I must see Rome as well.”
22
NLD
En als hij naar Macedonie gezonden had twee van degenen, die hem dienden, namelijk Timotheus en Erastus, bleef hij zelf een tijd lang in Azie.
BSB
BSB:
He sent two of his helpers, Timothy and Erastus, to Macedonia, while he stayed for a time in the province of Asia.
23
NLD
Maar op dienzelfden tijd ontstond er geen kleine beroerte, vanwege den weg des Heeren.
BSB
BSB:
About that time there arose a great disturbance about the Way.
24
NLD
Want een, met name Demetrius, een zilversmid, die kleine zilveren tempelen van Diana maakte, bracht dien van die kunst geen klein gewin toe;
BSB
BSB:
It began with a silversmith named Demetrius who made silver shrines of Artemis, bringing much business to the craftsmen.
25
NLD
Welke hij samenvergaderd hebbende, met de handwerkers van dergelijke dingen, zeide: Mannen, gij weet, dat wij uit dit gewin onze welvaart hebben;
BSB
BSB:
Demetrius assembled the craftsmen, along with the workmen in related trades. “Men,” he said, “you know that this business is our source of prosperity.
26
NLD
En gij ziet en hoort, dat deze Paulus veel volk, niet alleen van Efeze, maar ook bijna van geheel Azie, overreed en afgekeerd heeft, zeggende, dat het geen goden zijn, die met handen gemaakt worden.
BSB
BSB:
And you can see and hear that not only in Ephesus, but in nearly the whole province of Asia, this Paul has persuaded a great number of people to turn away. He says that man-made gods are no gods at all.
27
NLD
En wij zijn niet alleen in gevaar, dat dit deel in verachting kome, maar dat ook de tempel van de grote godin Diana als niets geacht zal worden, en dat ook haar majesteit zal ten ondergaan, aan welke gans Azie en de gehele wereld godsdienst bewijst.
BSB
BSB:
There is danger not only that our business will fall into disrepute, but also that the temple of the great goddess Artemis will be discredited and her majesty deposed—she who is worshiped by all the province of Asia and the whole world.”
28
NLD
Als zij nu dit hoorden, werden zij vol van toornigheid, en riepen, zeggende: Groot is de Diana de Efezeren!
BSB
BSB:
When the men heard this, they were enraged and began shouting, “Great is Artemis of the Ephesians!”
29
NLD
En de gehele stad werd vol verwarring; en zij liepen met een gedruis eendrachtelijk naar de schouwplaats, met zich trekkende Gajus en Aristarchus, Macedoniers, metgezellen van Paulus op de reis.
BSB
BSB:
Soon the whole city was in disarray. They rushed together into the theatre, dragging with them Gaius and Aristarchus, Paul’s traveling companions from Macedonia.
30
NLD
En als Paulus tot het volk wilde ingaan, lieten het hem de discipelen niet toe.
BSB
BSB:
Paul wanted to go before the assembly, but the disciples would not allow him.
31
NLD
En sommigen ook der oversten van Azie, die hem vrienden waren, zonden tot hem, en baden, dat hij zichzelven op de schouwplaats niet zou begeven.
BSB
BSB:
Even some of Paul’s friends who were officials of the province of Asia sent word to him, begging him not to venture into the theatre.
32
NLD
Zij riepen dan de ene dit, de andere wat anders; want de vergadering was verward en het meerder deel wist niet, om wat oorzaak zij samengekomen waren.
BSB
BSB:
Meanwhile the assembly was in turmoil. Some were shouting one thing and some another, and most of them did not even know why they were there.
33
NLD
En zij deden Alexander uit de schare voortkomen, alzo hem de Joden voortstieten. En Alexander gewenkt hebbende met de hand, wilde bij het volk verantwoording doen.
BSB
BSB:
The Jews in the crowd pushed Alexander forward to explain himself, and he motioned for silence so he could make his defense to the people.
34
NLD
Maar als zij verstonden, dat hij een Jood was, werd er een stem van allen, roepende omtrent twee uren lang: Groot is de Diana der Efezeren!
BSB
BSB:
But when they realized that he was a Jew, they all shouted in unison for about two hours: “Great is Artemis of the Ephesians!”
35
NLD
En als de stads schrijver de schare gestild had, zeide hij: Gij mannen van Efeze! wat mens is er toch, die niet weet, dat de stad der Efezeren de kerkbewaarster zij van de grote godin Diana, en van het beeld, dat uit den hemel gevallen is?
BSB
BSB:
Finally the city clerk quieted the crowd and declared, “Men of Ephesus, doesn’t everyone know that the city of Ephesus is guardian of the temple of the great Artemis and of her image, which fell from heaven?
36
NLD
Dewijl dan deze dingen onwedersprekelijk zijn, zo is het behoorlijk dat gij stil zijt, en niets onbedachts doet.
BSB
BSB:
Since these things are undeniable, you ought to be calm and not do anything rash.
37
NLD
Want gij hebt deze mannen hier gebracht, die noch kerkrovers zijn, noch uw godin lasteren.
BSB
BSB:
For you have brought these men here, though they have neither robbed our temple nor blasphemed our goddess.
38
NLD
Indien dan nu Demetrius, en die met hem van de kunst zijn, tegen iemand enige zaak hebben, de rechtsdagen worden gehouden, en er zijn stadhouders; laat hen elkander verklagen.
BSB
BSB:
So if Demetrius and his fellow craftsmen have a complaint against anyone, the courts are open and proconsuls are available. Let them bring charges against one another there.
39
NLD
En indien gij iets van andere dingen verzoekt, dat zal in een wettelijke vergadering beslecht worden.
BSB
BSB:
But if you are seeking anything beyond this, it must be settled in a legal assembly.
40
NLD
Want wij staan in gevaar, dat wij van oproer zullen verklaagd worden om den dag van heden, alzo er geen oorzaak is, waardoor wij reden zullen kunnen geven van dezen oploop.
BSB
BSB:
For we are in jeopardy of being charged with rioting for today’s events, and we have no justification to account for this commotion.”
41
NLD
(19:40) En dit gezegd hebbende, liet hij de vergadering gaan.
BSB
BSB:
After he had said this, he dismissed the assembly.
Chapter complete
You’ve read Acts 19
Chapter 19 of 28 in Acts
Up next
Acts 20
Read Acts 20
Listen
Back to Acts 18
Go deeper
Commentary
What the commentators say on Acts 19
A question this chapter raises
Can Christians use astrology, tarot or “manifesting”?
NLD
Dutch Bible 1917 (1917). Public domain. Text from eBible.org.
BSB
The Holy Bible, Berean Standard Bible, BSB. Dedicated to the public domain. BereanBible.com
Acts 18
Acts 19
Acts 20