Opened
An initiative of The Kingdom Tribe (TKT)
Skip to content
Opened
Today
Ask
Read
Journey
More
Luke 23 (NLD) · Opened
Luke
Luke
23
NLD
BSB
A
a
Jesus
, person
Pilate
, person
Herod
, person
Galilee
, place
Jerusalem
, place
Judea
, place
Arimathea
, place
Caesar
, person
6 more
Dutch Bible 1917
Berean Standard Bible
1
NLD
En de gehele menigte van hen stond op, en leidde Hem tot Pilatus.
BSB
BSB:
Then the whole council rose and led Jesus away to Pilate.
2
NLD
En zij begonnen Hem te beschuldigen, zeggende: Wij hebben bevonden, dat Deze het volk verkeert, en verbiedt den keizer schattingen te geven, zeggende, dat Hij Zelf Christus, de Koning is.
BSB
BSB:
And they began to accuse Him, saying, “We found this man subverting our nation, forbidding payment of taxes to Caesar, and proclaiming Himself to be Christ, a King.”
3
NLD
En Pilatus vraagde Hem, zeggende: Zijt Gij de Koning der Joden? En Hij antwoordde hem en zeide: Gij zegt het.
BSB
BSB:
So Pilate asked Him, “Are You the King of the Jews?”
“You have said so,”
Jesus replied.
4
NLD
En Pilatus zeide tot de overpriesters en de scharen: Ik vind geen schuld in dezen Mens.
BSB
BSB:
Then Pilate said to the chief priests and the crowds, “I find no basis for a charge against this man.”
5
NLD
En zij hielden te sterker aan, zeggende: Hij beroert het volk, lerende door geheel Judea, begonnen hebbende van Galilea tot hier toe.
BSB
BSB:
But they kept insisting, “He stirs up the people all over Judea with His teaching. He began in Galilee and has come all the way here.”
6
NLD
Als nu Pilatus van Galilea hoorde, vraagde hij, of die Mens een Galileer was?
BSB
BSB:
When Pilate heard this, he asked if the man was a Galilean.
7
NLD
En verstaande, dat Hij uit het gebied van Herodes was, zond hij Hem heen tot Herodes, die ook zelf in die dagen binnen Jeruzalem was.
BSB
BSB:
And learning that Jesus was under Herod’s jurisdiction, he sent Him to Herod, who himself was in Jerusalem at that time.
8
NLD
En als Herodes Jezus zag, werd hij zeer verblijd; want hij was van over lang begerig geweest Hem te zien, omdat hij veel van Hem hoorde; en hoopte enig teken te zien, dat van Hem gedaan zou worden.
BSB
BSB:
When Herod saw Jesus, he was greatly pleased. He had wanted to see Him for a long time, because he had heard about Him and was hoping to see Him perform a miracle.
9
NLD
En hij vraagde Hem met vele woorden; doch Hij antwoordde hem niets.
BSB
BSB:
Herod questioned Jesus at great length, but He gave no answer.
10
NLD
En de overpriesters en de Schriftgeleerden stonden, en beschuldigden Hem heftiglijk.
BSB
BSB:
Meanwhile, the chief priests and scribes stood there, vehemently accusing Him.
11
NLD
En Herodes met zijn krijgslieden Hem veracht en bespot hebbende, deed Hem een blinkend kleed aan, en zond Hem weder tot Pilatus.
BSB
BSB:
And even Herod and his soldiers ridiculed and mocked Him. Dressing Him in a fine robe, they sent Him back to Pilate.
12
NLD
En op denzelfde dag werden Pilatus en Herodes vrienden met elkander; want zij waren te voren in vijandschap tegen den anderen.
BSB
BSB:
That day Herod and Pilate became friends; before this time they had been enemies.
13
NLD
En als Pilatus de overpriesters, en de oversten, en het volk bijeengeroepen had, zeide hij tot hen:
BSB
BSB:
Then Pilate called together the chief priests, the rulers, and the people,
14
NLD
Gij hebt dezen Mens tot mij gebracht, als een, die het volk afkerig maakt; en ziet, ik heb Hem in uw tegenwoordigheid ondervraagd, en heb in dezen Mens geen schuld gevonden, van hetgeen daar gij Hem mede beschuldigt;
BSB
BSB:
and said to them, “You brought me this man as one who was inciting the people to rebellion. I have examined Him here in your presence and found Him not guilty of your charges against Him.
15
NLD
Ja, ook Herodes niet; want ik heb ulieden tot hem gezonden, en ziet, er is van Hem niets gedaan, dat des doods waardig is.
BSB
BSB:
Neither has Herod, for he sent Him back to us. As you can see, He has done nothing deserving of death.
16
NLD
Zo zal ik Hem dan kastijden en loslaten.
BSB
BSB:
Therefore I will punish Him and release Him.”
17
NLD
En hij moest hun op het feest een loslaten.
BSB
BSB:
Not in the BSB
Not in the earliest manuscripts
18
NLD
Doch al de menigte riep gelijkelijk, zeggende: Weg met Dezen, en laat ons Bar-abbas los.
BSB
BSB:
But they all cried out in unison: “Away with this man! Release Barabbas to us!”
19
NLD
Dewelke was om zeker oproer, dat in de stad geschied was, en om een doodslag, in de gevangenis geworpen.
BSB
BSB:
(Barabbas had been imprisoned for an insurrection in the city, and for murder.)
20
NLD
Pilatus dan riep hun wederom toe, willende Jezus loslaten.
BSB
BSB:
Wanting to release Jesus, Pilate addressed them again,
21
NLD
Maar zij riepen daartegen, zeggende: Kruis Hem, kruis Hem!
BSB
BSB:
but they kept shouting, “Crucify Him! Crucify Him!”
22
NLD
En hij zeide ten derden male tot hen: Wat heeft Deze dan kwaads gedaan? Ik heb geen schuld des doods in Hem gevonden. Zo zal ik Hem dan kastijden en loslaten.
BSB
BSB:
A third time he said to them, “What evil has this man done? I have found in Him no offense worthy of death. So after I punish Him, I will release Him.”
23
NLD
Maar zij hielden aan met groot geroep, eisende, dat Hij zou gekruist worden; en hun en der overpriesteren geroep werd geweldiger.
BSB
BSB:
But they were insistent, demanding with loud voices for Jesus to be crucified. And their clamor prevailed.
24
NLD
En Pilatus oordeelde, dat hun eis geschieden zou.
BSB
BSB:
So Pilate sentenced that their demand be met.
25
NLD
En hij liet hun los dengene, die om oproer en doodslag in de gevangenis geworpen was, welken zij geeist hadden; maar Jezus gaf hij over tot hun wil.
BSB
BSB:
As they had requested, he released the one imprisoned for insurrection and murder, and he handed Jesus over to their will.
26
NLD
En als zij Hem wegleidden, namen zij een Simon van Cyrene, komende van den akker, en legden hem het kruis op, dat hij het achter Jezus droeg.
BSB
BSB:
As the soldiers led Him away, they seized Simon of Cyrene on his way in from the country, and they put the cross on him to carry behind Jesus.
27
NLD
En een grote menigte van volk en van vrouwen volgde Hem, welke ook weenden en Hem beklaagden.
BSB
BSB:
A great number of people followed Him, including women who kept mourning and wailing for Him.
28
NLD
En Jezus, Zich tot haar kerende, zeide: Gij dochters van Jeruzalem! weent niet over Mij, maar weent over uzelven, en over uw kinderen.
BSB
BSB:
But Jesus turned to them and said,
“Daughters of Jerusalem, do not weep for Me, but weep for yourselves and for your children.
29
NLD
Want ziet, er komen dagen, in welke men zeggen zal: Zalig zijn de onvruchtbaren, en de buiken, die niet gebaard hebben, en de borsten, die niet gezoogd hebben.
BSB
BSB:
Look, the days are coming when people will say, ‘Blessed are the barren women, the wombs that never bore, and breasts that never nursed!’
30
NLD
Alsdan zullen zij beginnen te zeggen tot de bergen: Valt op ons; en tot de heuvelen: Bedekt ons.
BSB
BSB:
At that time ‘they will say to the mountains, “Fall on us!” and to the hills, “Cover us!”’
31
NLD
Want indien zij dit doen aan het groene hout, wat zal aan het dorre geschieden?
BSB
BSB:
For if men do these things while the tree is green, what will happen when it is dry?”
32
NLD
En er werden ook twee anderen, zijnde kwaaddoeners, geleid, om met Hem gedood te worden.
BSB
BSB:
Two others, who were criminals, were also led away to be executed with Jesus.
33
NLD
En toen zij kwamen op de plaats, genaamd Hoofdschedel plaats, kruisigden zij Hem aldaar, en de kwaaddoeners, den een ter rechter zijde en den ander ter linker zijde.
BSB
BSB:
When they came to the place called The Skull, they crucified Him there, along with the criminals, one on His right and the other on His left.
“Father, forgive them”
34
NLD
En Jezus zeide: Vader, vergeef het hun; want zij weten niet, wat zij doen. En verdelende Zijn klederen, wierpen zij het lot.
BSB
BSB:
Then Jesus said,
“Father, forgive them, for they do not know what they are doing.”
And they divided up His garments by casting lots.
35
NLD
En het volk stond en zag het aan. En ook de oversten met hen beschimpten Hem, zeggende: Anderen heeft Hij verlost, dat Hij nu Zichzelven verlosse, zo Hij is de Christus, de Uitverkorene Gods.
BSB
BSB:
The people stood watching, and the rulers sneered at Him, saying, “He saved others; let Him save Himself if He is the Christ of God, the Chosen One.”
36
NLD
En ook de krijgsknechten, tot Hem komende, bespotten Hem, en brachten Hem edik;
BSB
BSB:
The soldiers also mocked Him and came up to offer Him sour wine.
37
NLD
En zeiden: Indien gij de Koning der Joden zijt, zo verlos Uzelven.
BSB
BSB:
“If You are the King of the Jews,” they said, “save Yourself!”
38
NLD
En er was ook een opschrift boven Hem geschreven, met Griekse, en Romeinse en Hebreeuwse letters: DEZE IS DE KONING DER JODEN.
BSB
BSB:
Above Him was posted an inscription: THIS IS THE KING OF THE JEWS.
39
NLD
En een der kwaaddoeners, die gehangen waren, lasterde Hem, zeggende: Indien Gij de Christus zijt, verlos Uzelven en ons.
BSB
BSB:
One of the criminals who hung there heaped abuse on Him. “Are You not the Christ?” he said. “Save Yourself and us!”
40
NLD
Maar de andere, antwoordende, bestrafte hem, zeggende: Vreest gij ook God niet, daar gij in hetzelfde oordeel zijt?
BSB
BSB:
But the other one rebuked him, saying, “Do you not even fear God, since you are under the same judgment?
41
NLD
En wij toch rechtvaardiglijk; want wij ontvangen straf, waardig hetgeen wij gedaan hebben; maar Deze heeft niets onbehoorlijks gedaan.
BSB
BSB:
We are punished justly, for we are receiving what our actions deserve. But this man has done nothing wrong.”
42
NLD
En hij zeide tot Jezus: Heere, gedenk mijner, als Gij in Uw Koninkrijk zult gekomen zijn.
BSB
BSB:
Then he said, “Jesus, remember me when You come into Your kingdom!”
43
NLD
En Jezus zeide tot hem: Voorwaar, zeg Ik u: Heden zult gij met Mij in het Paradijs zijn.
BSB
BSB:
And Jesus said to him,
“Truly I tell you, today you will be with Me in Paradise.”
44
NLD
En het was omtrent de zesde ure, en er werd duisternis over de gehele aarde, tot de negende ure toe.
BSB
BSB:
It was now about the sixth hour, and darkness came over all the land until the ninth hour.
45
NLD
En de zon werd verduisterd, en het voorhangsel des tempels scheurde midden door.
BSB
BSB:
The sun was darkened, and the veil of the temple was torn down the middle.
46
NLD
En Jezus, roepende met grote stemme, zeide: Vader, in Uw handen beveel Ik Mijn geest. En als Hij dat gezegd had, gaf Hij den geest.
BSB
BSB:
Then Jesus called out in a loud voice,
“Father, into Your hands I commit My Spirit.”
And when He had said this, He breathed His last.
47
NLD
Als nu de hoofdman over honderd zag, wat er geschied was, verheerlijkte hij God, en zeide: Waarlijk, deze Mens was rechtvaardig.
BSB
BSB:
When the centurion saw what had happened, he gave glory to God, saying, “Surely this was a righteous man.”
48
NLD
En al de scharen, die samengekomen waren om dit te aanschouwen, ziende de dingen, die geschied waren, keerden wederom, slaande op hun borsten.
BSB
BSB:
And when all the people who had gathered for this spectacle saw what had happened, they returned home beating their breasts.
49
NLD
En al Zijn bekenden stonden van verre, ook de vrouwen, die Hem te zamen gevolgd waren van Galilea, en zagen dit aan.
BSB
BSB:
But all those who knew Jesus, including the women who had followed Him from Galilee, stood at a distance watching these things.
50
NLD
En zie, een man, met name Jozef, zijnde een raadsheer, een goed en rechtvaardig man,
BSB
BSB:
Now there was a Council member named Joseph, a good and righteous man,
51
NLD
(Deze had niet mede bewilligd in hun raad en handel) van Arimathea, een stad der Joden, en die ook zelf het Koninkrijk Gods verwachtte;
BSB
BSB:
who had not consented to their decision or action. He was from the Judean town of Arimathea and was waiting for the kingdom of God.
52
NLD
Deze ging tot Pilatus, en begeerde het lichaam van Jezus.
BSB
BSB:
He went to Pilate to ask for the body of Jesus.
53
NLD
En als hij hetzelve afgenomen had, wond hij dat in een fijn lijnwaad, en legde het in een graf, in een rots gehouwen, waarin nog nooit iemand gelegd was.
BSB
BSB:
Then he took it down, wrapped it in a linen cloth, and placed it in a tomb cut into the rock, where no one had yet been laid.
54
NLD
En het was de dag der voorbereiding, en de sabbat kwam aan.
BSB
BSB:
It was Preparation Day, and the Sabbath was beginning.
55
NLD
En ook de vrouwen, die met Hem gekomen waren uit Galilea, volgden na en aanschouwden het graf, en hoe Zijn lichaam gelegd werd.
BSB
BSB:
The women who had come with Jesus from Galilee followed, and they saw the tomb and how His body was placed.
56
NLD
En wedergekeerd zijnde, bereidden zij specerijen en zalven; en op den sabbat rustten zij naar het gebod.
BSB
BSB:
Then they returned to prepare spices and perfumes. And they rested on the Sabbath, according to the commandment.
Chapter complete
You’ve read Luke 23
Chapter 23 of 24 in Luke
Up next
Luke 24
Read Luke 24
Listen
Back to Luke 22
Go deeper
Commentary
What the commentators say on Luke 23
A question this chapter raises
Isn’t the New Testament antisemitic?
NLD
Dutch Bible 1917 (1917). Public domain. Text from eBible.org.
BSB
The Holy Bible, Berean Standard Bible, BSB. Dedicated to the public domain. BereanBible.com
Luke 22
Luke 23
Luke 24