Skip to content
Today
Ask
Read
Journey
More
Luke 4 (NLD) · Opened
Luke
Luke
4
NLD
BSB
A
a
Jesus
, person
Galilee
, place
Israel
, person
Elias
, person
Nazareth
, place
Capernaum
, place
Jerusalem
, place
Jordan
, place
9 more
Dutch Bible 1917
Berean Standard Bible
1
NLD
En Jezus, vol des Heiligen Geestes, keerde wederom van de Jordaan, en werd door den Geest geleid in de woestijn;
BSB
BSB:
Then Jesus, full of the Holy Spirit, returned from the Jordan and was led by the Spirit into the wilderness,
2
NLD
En werd veertig dagen verzocht van den duivel; en at gans niet in die dagen, en als dezelve geeindigd waren, zo hongerde Hem ten laatste.
BSB
BSB:
where for forty days He was tempted by the devil. He ate nothing during those days, and when they had ended, He was hungry.
3
NLD
En de duivel zeide tot Hem: Indien Gij Gods Zoon zijt, zeg tot dezen steen, dat hij brood worde.
BSB
BSB:
The devil said to Him, “If You are the Son of God, tell this stone to become bread.”
4
NLD
En Jezus antwoordde hem, zeggende: Er is geschreven, dat de mens bij brood alleen niet zal leven, maar bij alle woord Gods.
BSB
BSB:
But Jesus answered,
“It is written: ‘Man shall not live on bread alone.’”
5
NLD
En als Hem de duivel geleid had op een hogen berg, toonde hij Hem al de koninkrijken der wereld, in een ogenblik tijds.
BSB
BSB:
Then the devil led Him up to a high place and showed Him in an instant all the kingdoms of the world.
6
NLD
En de duivel zeide tot Hem: Ik zal U al deze macht, en de heerlijkheid derzelver koninkrijken geven; want zij is mij overgegeven, en ik geef ze, wien ik ook wil;
BSB
BSB:
“I will give You authority over all these kingdoms and all their glory,” he said. “For it has been relinquished to me, and I can give it to anyone I wish.
7
NLD
Indien Gij dan mij zult aanbidden, zo zal het alles Uw zijn.
BSB
BSB:
So if You worship me, it will all be Yours.”
8
NLD
En Jezus, antwoordende, zeide tot hem: Ga weg van Mij, satan, want er is geschreven: Gij zult den Heere, uw God, aanbidden, en Hem alleen dienen.
BSB
BSB:
But Jesus answered,
“It is written: ‘Worship the Lord your God and serve Him only.’”
9
NLD
En hij leidde Hem naar Jeruzalem, en stelde Hem op de tinne des tempels, en zeide tot Hem: Indien Gij de Zoon Gods zijt, werp Uzelven van hier nederwaarts;
BSB
BSB:
Then the devil led Him to Jerusalem and set Him on the pinnacle of the temple. “If You are the Son of God,” he said, “throw Yourself down from here.
10
NLD
Want er is geschreven, dat Hij Zijn engelen van U bevelen zal, dat zij U bewaren zullen;
BSB
BSB:
For it is written: ‘He will command His angels concerning You to guard You carefully,
11
NLD
En dat zij U op de handen nemen zullen, opdat Gij Uw voet niet te eniger tijd aan een steen stoot.
BSB
BSB:
and they will lift You up in their hands, so that You will not strike Your foot against a stone.’”
12
NLD
En Jezus, antwoordende, zeide tot hem: Er is gezegd: Gij zult den Heere, uw God, niet verzoeken.
BSB
BSB:
But Jesus answered,
“It also says, ‘Do not put the Lord your God to the test.’”
13
NLD
En als de duivel alle verzoeking voleindigd had, week hij van Hem voor een tijd.
BSB
BSB:
When the devil had finished every temptation, he left Him until an opportune time.
14
NLD
En Jezus keerde wederom, door de kracht des Geestes, naar Galilea; en het gerucht van Hem ging uit door het gehele omliggende land.
BSB
BSB:
Jesus returned to Galilee in the power of the Spirit, and the news about Him spread throughout the surrounding region.
15
NLD
En Hij leerde in hun synagogen, en werd van allen geprezen.
BSB
BSB:
He taught in their synagogues and was glorified by everyone.
16
NLD
En Hij kwam te Nazareth, daar Hij opgevoed was, en ging, naar Zijn gewoonte, op den dag des sabbats in de synagoge; en stond op om te lezen.
BSB
BSB:
Then Jesus came to Nazareth, where He had been brought up. As was His custom, He entered the synagogue on the Sabbath. And when He stood up to read,
17
NLD
En Hem werd gegeven het boek van den profeet Jesaja; en als Hij het boek opengedaan had, vond Hij de plaats, daar geschreven was:
BSB
BSB:
the scroll of the prophet Isaiah was handed to Him. Unrolling it, He found the place where it was written:
18
NLD
De Geest des Heeren is op Mij, daarom heeft Hij Mij gezalfd; Hij heeft Mij gezonden, om den armen het Evangelie te verkondigen, om te genezen, die gebroken zijn van hart; (4:19) Om den gevangenen te prediken loslating, en den blinden het gezicht, om de verslagenen heen te zenden in vrijheid;
BSB
BSB:
“The Spirit of the Lord is on Me, because He has anointed Me to preach good news to the poor. He has sent Me to proclaim liberty to the captives and recovery of sight to the blind, to release the oppressed,
19
NLD
om te prediken het aangename jaar des Heeren.
BSB
BSB:
to proclaim the year of the Lord’s favor.”
20
NLD
En als Hij het boek toegedaan en den dienaar wedergegeven had, zat Hij neder; en de ogen van allen in de synagoge waren op Hem geslagen.
BSB
BSB:
Then He rolled up the scroll, returned it to the attendant, and sat down. The eyes of everyone in the synagogue were fixed on Him,
21
NLD
En Hij begon tot hen te zeggen: Heden is deze Schrift in uw oren vervuld.
BSB
BSB:
and He began by saying,
“Today this Scripture is fulfilled in your hearing.”
22
NLD
En zij gaven Hem allen getuigenis, en verwonderden zich over de aangename woorden, die uit Zijn mond voortkwamen; en zeiden: Is deze niet de Zoon van Jozef?
BSB
BSB:
All spoke well of Him and marveled at the gracious words that came from His lips. “Isn’t this the son of Joseph?” they asked.
23
NLD
En Hij zeide tot hen: Gij zult zonder twijfel tot Mij dit spreekwoord zeggen: Medicijnmeester! genees Uzelven; al wat wij gehoord hebben, dat in Kapernaum geschied is, doe dat ook hier in Uw vaderland.
BSB
BSB:
Jesus said to them,
“Surely you will quote this proverb to Me: ‘Physician, heal yourself! Do here in Your hometown what we have heard that You did in Capernaum.’”
24
NLD
En Hij zeide: Voorwaar Ik zeg u, dat geen profeet aangenaam is in zijn vaderland.
BSB
BSB:
Then He added,
“Truly I tell you, no prophet is accepted in his hometown.
25
NLD
Maar Ik zeg u in der waarheid: Er waren vele weduwen in Israel in de dagen van Elias, toen de hemel drie jaren en zes maanden gesloten was, zodat er grote hongersnood werd over het gehele land.
BSB
BSB:
But I tell you truthfully that there were many widows in Israel in the time of Elijah, when the sky was shut for three and a half years and great famine swept over all the land.
26
NLD
En tot geen van haar werd Elias gezonden, dan naar Sarepta Sidonis, tot een vrouw, die weduwe was.
BSB
BSB:
Yet Elijah was not sent to any of them, but to the widow of Zarephath in Sidon.
27
NLD
En er waren vele melaatsen in Israel, ten tijde van den profeet Elisa; en geen van hen werd gereinigd, dan Naaman, de Syrier.
BSB
BSB:
And there were many lepers in Israel in the time of Elisha the prophet. Yet not one of them was cleansed—only Naaman the Syrian.”
28
NLD
En zij werden allen in de synagoge met toorn vervuld, als zij dit hoorden.
BSB
BSB:
On hearing this, all the people in the synagogue were enraged.
29
NLD
En opstaande, wierpen zij Hem uit, buiten de stad, en leidden Hem op den top des bergs, op denwelken hun stad gebouwd was, om Hem van de steilte af te werpen.
BSB
BSB:
They got up, drove Him out of the town, and led Him to the brow of the hill on which the town was built, in order to throw Him over the cliff.
30
NLD
Maar Hij, door het midden van hen doorgegaan zijnde, ging weg.
BSB
BSB:
But Jesus passed through the crowd and went on His way.
31
NLD
En Hij kwam af te Kapernaum, een stad van Galilea, en leerde hen op de sabbatdagen.
BSB
BSB:
Then He went down to Capernaum, a town in Galilee, and on the Sabbath He began to teach the people.
32
NLD
En zij versloegen zich over Zijn leer, want Zijn woord was met macht.
BSB
BSB:
They were astonished at His teaching, because His message had authority.
33
NLD
En in de synagoge was een mens, hebbende een geest eens onreinen duivels; en hij riep uit met grote stemme,
BSB
BSB:
In the synagogue there was a man possessed by the spirit of an unclean demon. He cried out in a loud voice,
34
NLD
Zeggende: Laat af, wat hebben wij met U te doen, Gij Jezus Nazarener? Zijt Gij gekomen, om ons te verderven? Ik ken U, wie Gij zijt, namelijk de Heilige Gods.
BSB
BSB:
“Ha! What do You want with us, Jesus of Nazareth? Have You come to destroy us? I know who You are—the Holy One of God!”
35
NLD
En Jezus bestrafte hem, zeggende: Zwijg stil, en ga van hem uit. En de duivel, hem in het midden geworpen hebbende, voer van hem uit, zonder hem iets te beschadigen.
BSB
BSB:
But Jesus rebuked the demon.
“Be silent!”
He said.
“Come out of him!”
At this, the demon threw the man down before them all and came out without harming him.
36
NLD
En er kwam een verbaasdheid over allen; en zij spraken samen tot elkander, zeggende: Wat woord is dit, dat Hij met macht en kracht den onreinen geesten gebiedt, en zij varen uit?
BSB
BSB:
All the people were overcome with amazement and asked one another, “What is this message? With authority and power He commands the unclean spirits, and they come out!”
37
NLD
En het gerucht van Hem ging uit in alle plaatsen des omliggenden lands.
BSB
BSB:
And the news about Jesus spread throughout the surrounding region.
38
NLD
En Jezus, opgestaan zijnde uit de synagoge, ging in het huis van Simon; en Simons vrouws moeder was met een grote koorts bevangen, en zij baden Hem voor haar.
BSB
BSB:
After Jesus had left the synagogue, He went to the home of Simon, whose mother-in-law was suffering from a high fever. So they appealed to Jesus on her behalf,
39
NLD
En staande boven haar, bestrafte Hij de koorts, en de koorts verliet haar; en zij van stonde aan opstaande, diende henlieden.
BSB
BSB:
and He stood over her and rebuked the fever, and it left her. And she got up at once and began to serve them.
40
NLD
En als de zon onderging, brachten allen, die kranken hadden, met verscheidene ziekten bevangen, die tot Hem, en Hij leide een iegelijk van hen de handen op, en genas dezelve.
BSB
BSB:
At sunset, all who were ill with various diseases were brought to Jesus, and laying His hands on each one, He healed them.
41
NLD
En er voeren ook duivelen uit van velen, roepende en zeggende: Gij zijt de Christus, de Zone Gods! En hen bestraffende, liet Hij die niet spreken, omdat zij wisten, dat Hij de Christus was.
BSB
BSB:
Demons also came out of many people, shouting, “You are the Son of God!” But He rebuked the demons and would not allow them to speak, because they knew He was the Christ.
42
NLD
En als het dag werd, ging Hij uit, en trok naar een woeste plaats; en de scharen zochten Hem, en kwamen tot bij Hem, en hielden Hem op, dat Hij van hen niet zou weggaan.
BSB
BSB:
At daybreak, Jesus went out to a solitary place, and the crowds were looking for Him. They came to Him and tried to keep Him from leaving.
43
NLD
Maar Hij zeide tot hen: Ik moet ook anderen steden het Evangelie van het Koninkrijk Gods verkondigen; want daartoe ben Ik uitgezonden.
BSB
BSB:
But Jesus told them,
“I must preach the good news of the kingdom of God to the other towns as well, because that is why I was sent.”
44
NLD
En Hij predikte in de synagogen van Galilea.
BSB
BSB:
And He continued to preach in the synagogues of Judea.
Chapter complete
You’ve read Luke 4
Chapter 4 of 24 in Luke
Up next
Luke 5
Read Luke 5
Listen
Back to Luke 3
Go deeper
Commentary
What the commentators say on Luke 4
A question this chapter raises
Did Jesus travel to India in his “lost years”?
NLD
Dutch Bible 1917 (1917). Public domain. Text from eBible.org.
BSB
The Holy Bible, Berean Standard Bible, BSB. Dedicated to the public domain. BereanBible.com
Luke 3
Luke 4
Luke 5