Opened
By The Kingdom Tribe (TKT).
Built by Paruto.
v1.42.1
Skip to content
Opened
Today
Ask
Read
Journey
More
Mark
Mark
6
NLDGBV
BSB
A
a
Mark 6
6
Mark
Ministry in Galilee
Dutch
John
, person
Herod
, person
Jesus
, person
Herodias
, person
Elias
, person
Galilee
, place
Sodom
, place
Gomorrah
, place
8 more
Dutch
Berean Standard Bible
1
NLDGBV
Jezus vertrok daarvandaan en kwam aan in zijn thuisstad. Zijn leerlingen waren met Hem meegekomen.
BSB
BSB:
Jesus went on from there and came to His hometown, accompanied by His disciples.
2
NLDGBV
Toen het sabbat werd, begon Hij te onderwijzen in de synagoge en de vele toehoorders waren diep onder de indruk. Ze vroegen: “Waar haalt die Man dat toch vandaan, hoe komt Hij aan die wijsheid en hoe is het mogelijk dat Hij die wonderen doet?
BSB
BSB:
When the Sabbath came, He began to teach in the synagogue, and many who heard Him were astonished. “Where did this man get these ideas?” they asked. “What is this wisdom He has been given? And how can He perform such miracles?
3
NLDGBV
Is dit niet de bouwer, de zoon van Maria en broer van Jakobus, Joses, Judas en Simon? En zijn zussen wonen toch hier bij ons?” Ze ergerden zich aan Hem.
BSB
BSB:
Isn’t this the carpenter, the son of Mary and the brother of James, Joses, Judas, and Simon? Aren’t His sisters here with us as well?” And they took offense at Him.
4
NLDGBV
Maar Jezus zei tegen hen: “Het is alleen in zijn thuisstad, bij zijn familie en in zijn eigen huis dat een profeet geen eer ontvangt.”
BSB
BSB:
Then Jesus said to them,
“Only in his hometown, among his relatives, and in his own household is a prophet without honor.”
5
NLDGBV
Hij kon er geen wonderen doen, alleen genas Hij enkele zieken door hun de handen op te leggen.
BSB
BSB:
So He could not perform any miracles there, except to lay His hands on a few of the sick and heal them.
6
NLDGBV
Hij verbaasde zich over hun ongeloof. Daarna trok Hij van dorp tot dorp om er te onderwijzen.
BSB
BSB:
And He was amazed at their unbelief. And He went around from village to village, teaching the people.
7
NLDGBV
Jezus riep de Twaalf bij zich en begon hen twee aan twee op pad te sturen. Hij gaf hun gezag over onreine geesten
BSB
BSB:
Then Jesus called the Twelve to Him and began to send them out two by two, giving them authority over unclean spirits.
8
NLDGBV
en gaf hun de volgende instructies: “Neem niets mee voor onderweg, behalve een wandelstok. Geen brood, geen reistas, en geen geld in je geldriem.
BSB
BSB:
He instructed them to take nothing but a staff for the journey—no bread, no bag, no money in their belts—
9
NLDGBV
Trek wel sandalen aan, maar geen extra kledij.”
BSB
BSB:
and to wear sandals, but not a second tunic.
10
NLDGBV
Jezus zei ook tegen hen: “Wanneer jullie bij iemand te gast zijn, blijf dan bij die persoon logeren totdat je uit die plaats vertrekt.
BSB
BSB:
And He told them,
“When you enter a house, stay there until you leave that area.
11
NLDGBV
En wanneer men je ergens niet verwelkomt of niet naar je luistert, vertrek dan uit die plaats en schud het stof van je voetzolen als een teken voor hen van jullie afkeuring.”
BSB
BSB:
If anyone will not welcome you or listen to you, shake the dust off your feet when you leave that place, as a testimony against them.”
12
NLDGBV
Ze gingen eropuit en riepen de mensen op om tot inkeer te komen.
BSB
BSB:
So they set out and preached that the people should repent.
13
NLDGBV
Ze dreven veel demonen uit en zalfden vele zieken met olie en genazen hen.
BSB
BSB:
They also drove out many demons and healed many of the sick, anointing them with oil.
14
NLDGBV
Jezus' naam raakte bekend en ook koning Herodes hoorde over Hem. Sommige mensen zeiden: “Johannes de Doper is uit de dood verrezen; daarom doet Hij wonderen.”
BSB
BSB:
Now King Herod heard about this, for Jesus’ name had become well known, and people were saying, “John the Baptist has risen from the dead! That is why miraculous powers are at work in him.”
15
NLDGBV
Anderen zeiden: “Hij is Elia”, en nog anderen: “Hij is een profeet, zoals de profeten van vroeger.”
BSB
BSB:
Others were saying, “He is Elijah,” and still others, “He is a prophet, like one of the prophets of old.”
16
NLDGBV
Maar toen Herodes het hoorde, zei hij: “Johannes, die ik heb laten onthoofden, is verrezen.”
BSB
BSB:
But when Herod heard this, he said, “John, whom I beheaded, has risen from the dead!”
17
NLDGBV
Herodes had namelijk zelf bevolen om Johannes te arresteren en in de gevangenis vast te zetten, wegens Herodias, de vrouw van zijn broer Filippus. Herodes was met haar getrouwd,
BSB
BSB:
For Herod himself had ordered that John be arrested and bound and imprisoned, on account of his brother Philip’s wife Herodias, whom Herod had married.
18
NLDGBV
en Johannes had tegen Herodes gezegd: “U mag niet met uw schoonzus trouwen.”
BSB
BSB:
For John had been telling Herod, “It is not lawful for you to have your brother’s wife!”
19
NLDGBV
Daarom had Herodias een hekel aan Johannes. Ze wilde hem doden, maar ze kreeg daartoe niet de gelegenheid.
BSB
BSB:
So Herodias held a grudge against John and wanted to kill him. But she had been unable,
20
NLDGBV
Herodes wist dat Johannes een rechtvaardige man was die een zuiver leven leidde. Herodes was bang voor Johannes en beschermde hem. Herodes luisterde graag naar Johannes, hoewel het hem in verlegenheid bracht.
BSB
BSB:
because Herod feared John and protected him, knowing that he was a righteous and holy man. When he heard John’s words, he was greatly perplexed; yet he listened to him gladly.
21
NLDGBV
Herodias zag haar kans schoon op de verjaardag van Herodes, toen hij een feestmaal hield voor zijn hoge functionarissen en militaire leiders en de vooraanstaande burgers van Galilea.
BSB
BSB:
On Herod’s birthday, her opportunity arose. Herod held a banquet for his nobles and military commanders and the leading men of Galilee.
22
NLDGBV
Toen Herodias' dochter kwam dansen, beleefden Herodes en zijn gasten daar zoveel plezier aan dat de koning tegen het meisje zei: “Vraag me wat je wil, en ik zal het je geven.”
BSB
BSB:
When the daughter of Herodias came and danced, she pleased Herod and his guests, and the king said to the girl, “Ask me for whatever you wish, and I will give it to you.”
23
NLDGBV
Hij zwoer haar: “Ik zal je alles geven wat je vraagt, al was het de helft van mijn koninkrijk.”
BSB
BSB:
And he swore to her, “Whatever you ask of me, I will give you, up to half my kingdom!”
24
NLDGBV
Ze ging de zaal uit en zei tegen haar moeder: “Wat zal ik vragen?” Zij antwoordde: “Het hoofd van Johannes de Doper.”
BSB
BSB:
Then she went out and asked her mother, “What should I request?” And her mother answered, “The head of John the Baptist.”
25
NLDGBV
Het meisje haastte zich meteen terug naar binnen en zei tegen de koning: “Ik wil graag dat u mij onmiddellijk het hoofd van Johannes de Doper geeft, op een schaal.”
BSB
BSB:
At once the girl hurried back to the king with her request: “I want you to give me the head of John the Baptist on a platter immediately.”
26
NLDGBV
De koning was zwaar aangeslagen, maar omwille van wat hij had gezworen in het bijzijn van zijn gasten wilde hij het haar niet weigeren.
BSB
BSB:
The king was consumed with sorrow, but because of his oaths and his guests, he did not want to refuse her.
27
NLDGBV
Hij stuurde meteen een beul naar de gevangenis om het hoofd van Johannes te halen. De beul vertrok, onthoofdde Johannes
BSB
BSB:
So without delay, the king commanded that John’s head be brought in. He sent an executioner, who went and beheaded him in the prison.
28
NLDGBV
en kwam terug met zijn hoofd op een schaal. Hij gaf het aan het meisje en zij gaf het aan haar moeder.
BSB
BSB:
The man brought John’s head on a platter and presented it to the girl, who gave it to her mother.
29
NLDGBV
Toen Johannes' leerlingen dit hoorden, haalden ze zijn lichaam op en legden het in een graf.
BSB
BSB:
When John’s disciples heard about this, they came and took his body and placed it in a tomb.
30
NLDGBV
De apostelen kwamen bij Jezus terug en vertelden Hem alles wat ze hadden gedaan en wat ze aan de mensen hadden onderwezen.
BSB
BSB:
Meanwhile, the apostles gathered around Jesus and brought Him news of all they had done and taught.
31
NLDGBV
Maar Hij zei tegen hen: “Ga naar een afgelegen plaats, waar jullie alleen kunnen zijn, en rust wat uit.” Want het was zo'n komen en gaan dat ze zelfs niet aan eten toekwamen.
BSB
BSB:
And He said to them,
“Come with Me privately to a solitary place, and let us rest for a while.”
For many people were coming and going, and they did not even have time to eat.
32
NLDGBV
Daarom vertrokken ze per boot naar een afgelegen plaats om alleen te zijn.
BSB
BSB:
So they went away in a boat by themselves to a solitary place.
33
NLDGBV
Veel mensen die hen zagen wegvaren, herkenden hen. Ze haastten zich te voet vanuit alle steden naar die plaats, en kwamen vóór hen aan.
BSB
BSB:
But many people saw them leaving and recognized them. They ran together on foot from all the towns and arrived before them.
34
NLDGBV
Toen Jezus uit de boot stapte, zag Hij een grote menigte en kreeg Hij medelijden met de mensen, want ze waren als schapen zonder herder. Daarom begon Hij hun van alles te leren.
BSB
BSB:
When Jesus stepped ashore and saw a large crowd, He had compassion on them, because they were like sheep without a shepherd. And He began to teach them many things.
35
NLDGBV
Maar toen het laat begon te worden, kwamen zijn leerlingen bij Hem en zeiden: “Dit is een afgelegen plaats en het is al laat.
BSB
BSB:
By now the hour was already late. So the disciples came to Jesus and said, “This is a desolate place, and the hour is already late.
36
NLDGBV
Stuur de mensen toch weg, zodat ze naar de gehuchten en dorpen in de omgeving kunnen gaan om voor zichzelf iets te kopen om te eten.”
BSB
BSB:
Dismiss the crowd so they can go to the surrounding countryside and villages and buy themselves something to eat.”
37
NLDGBV
Maar Hij antwoordde: “Geven jullie hun maar te eten.” Zij vroegen Hem: “Hoe kunnen wij voor tweehonderd denarie brood gaan kopen om aan al die mensen te geven?”
BSB
BSB:
But Jesus told them,
“You give them something to eat.”
They asked Him, “Should we go out and spend two hundred denarii to give all of them bread to eat?”
38
NLDGBV
Jezus zei: “Ga eens kijken hoeveel broden jullie hebben.” Ze gingen het na het en zeiden: “Vijf, en twee vissen.”
BSB
BSB:
“Go and see how many loaves you have,”
He told them. And after checking, they said, “Five—and two fish.”
39
NLDGBV
Toen droeg Hij hun op tegen de mensen te zeggen dat ze in groepen op het groene gras moesten plaatsnemen.
BSB
BSB:
Then Jesus directed them to have the people sit in groups on the green grass.
40
NLDGBV
Dus namen de mensen plaats in groepen van honderd en van vijftig.
BSB
BSB:
So they sat down in groups of hundreds and fifties.
41
NLDGBV
Jezus nam de vijf broden en de twee vissen, keek omhoog, naar de hemel, sprak een zegengebed uit, brak de broden in stukken en gaf die aan zijn leerlingen om uit te delen. Ook de twee vissen verdeelde Hij onder alle mensen.
BSB
BSB:
Taking the five loaves and the two fish and looking up to heaven, Jesus spoke a blessing and broke the loaves. Then He gave them to His disciples to set before the people. And He divided the two fish among them all.
42
NLDGBV
Ze aten allen tot ze voldaan waren.
BSB
BSB:
They all ate and were satisfied,
43
NLDGBV
Daarna verzamelden ze de overgebleven brokken – wel twaalf manden vol – en de overgebleven vis.
BSB
BSB:
and the disciples picked up twelve basketfuls of broken pieces of bread and fish.
44
NLDGBV
Het aantal mannen dat had gegeten bedroeg vijfduizend.
BSB
BSB:
And there were five thousand men who had eaten the loaves.
45
NLDGBV
Meteen daarna droeg Jezus zijn leerlingen op om in de boot te stappen en voor Hem uit naar Betsaïda over te steken terwijl Hij de menigte naar huis stuurde.
BSB
BSB:
Immediately Jesus made His disciples get into the boat and go on ahead of Him to Bethsaida, while He dismissed the crowd.
46
NLDGBV
Nadat Hij afscheid van hen had genomen, ging Hij de berg op om te bidden.
BSB
BSB:
After bidding them farewell, He went up on the mountain to pray.
47
NLDGBV
Toen het avond werd, bevond de boot zich midden op het meer terwijl Hij nog alleen aan wal was.
BSB
BSB:
When evening came, the boat was in the middle of the sea, and Jesus was alone on land.
48
NLDGBV
Hij zag dat de leerlingen zich hard moesten inspannen om vooruit te roeien, want ze hadden de wind tegen. Tegen het einde van de nacht ging Hij hen achterna, al wandelend over het water. Toen Hij hen zou voorbijgaan,
BSB
BSB:
He could see that the disciples were straining to row, because the wind was against them. About the fourth watch of the night, Jesus went out to them, walking on the sea. He intended to pass by them,
49
NLDGBV
zagen ze Hem op het meer wandelen. Ze dachten dat Hij een spook was en schreeuwden het uit.
BSB
BSB:
but when they saw Him walking on the sea, they cried out, thinking He was a ghost—
50
NLDGBV
Iedereen zag Hem allemaal en waren doodsbang. Meteen sprak Hij hen toe: “Wees gerust, Ik ben het. Wees niet bang.”
BSB
BSB:
for they all saw Him and were terrified. But Jesus spoke up at once:
“Take courage! It is I. Do not be afraid.”
51
NLDGBV
Hij stapte bij hen in de boot en de wind ging liggen. Ze waren volkomen verbijsterd,
BSB
BSB:
Then He climbed into the boat with them, and the wind died down. And the disciples were utterly astounded,
52
NLDGBV
want ze hadden de les van de broden niet begrepen; hun hart was verstard.
BSB
BSB:
for they had not understood about the loaves, but their hearts had been hardened.
53
NLDGBV
Eenmaal overgestoken, kwamen ze aan land bij Gennesaret, waar ze aanmeerden.
BSB
BSB:
When they had crossed over, they landed at Gennesaret and moored the boat.
54
NLDGBV
Zodra ze uit de boot stapten, herkenden de mensen Jezus.
BSB
BSB:
As soon as they got out of the boat, the people recognized Jesus
55
NLDGBV
Ze doorkruisten de hele streek om hun zieken op draagmatten naar de plaats te dragen waarvan ze hoorden dat Hij daar was.
BSB
BSB:
and ran through that whole region, carrying the sick on mats to wherever they heard He was.
56
NLDGBV
En waar Hij ook kwam – dorpen, steden of platteland – bracht men de zieken naar marktplaatsen en smeekte men Hem om slechts de kwast onderaan zijn mantel te mogen aanraken. Iedereen die Hem aanraakte, werd genezen.
BSB
BSB:
And wherever He went—villages and towns and countrysides—they laid the sick in the marketplaces and begged Him just to let them touch the fringe of His cloak. And all who touched Him were healed.
Chapter complete
You’ve read Mark 6
Chapter 6 of 16 in Mark
Up next
Mark 7
Read Mark 7
Listen
Back to Mark 5
Go deeper
Commentary
What the commentators say on Mark 6
A question this chapter raises
Did Jesus travel to India in his “lost years”?
NLDGBV
Dutch. Copyright © Operation Mobilization International. Licensed under CC BY-SA 4.0 (creativecommons.org/licenses/by-sa/4.0). Text from eBible.org; verses renumbered to the KJV scheme where they differ, otherwise unchanged.
BSB
The Holy Bible, Berean Standard Bible, BSB. Dedicated to the public domain. BereanBible.com
Mark 5
Mark 6
Mark 7